‘Het kleine beetje wat wij doen, betekent veel voor deze mensen’

Toen het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) eind vorig jaar startte met de tijdelijke opvang van ruim 100 nareizigers op het terrein van Beusink Recreatie in Lievelde, meldden Patricia Kruip (54) en Roel Langendoen (68) zich vrijwillig aan om te komen helpen. Nu de opvang van moeders en kinderen uit vooral Syrië in maart stopt, blikken zij terug op hun ervaringen. “Deze mensen zijn compleet ontheemd. Het kleine beetje wat wij doen, betekent veel voor hen. De dankbaarheid is hartverwarmend.”

Dat blijkt wel als Patricia en Roel een rondje maken over het recreatieterrein. Het is koud en nat buiten, maar binnen wordt er met hulp van andere vrijwilligers druk geknutseld. Verschillende meisjes vliegen spontaan op Patricia af, knuffelen haar en geven een kleurrijk hartje van papier. Verderop dagen enkele jongens met een grote glimlach Roel uit om te komen ravotten. “Ze begroeten ons elke dag al in het Nederlands, dat is toch prachtig? En ook de meeste moeders doen enorm hun best om al wat in onze taal te zeggen.”

Goede start geven

Patricia woont bijna naast de opvanglocatie en is in het dagelijks leven werkcoach in de zorg. Elke woensdagochtend is ze te vinden op de opvang bij Beusink. Ze helpt met taallessen, creatieve activiteiten en feestelijkheden. Samen met de locatiemanager van COA wandelde ze in het begin ook met de vrouwen naar Lichtenvoorde om ze een beetje wegwijs te maken naar winkels, het gemeentehuis en de bibliotheek. Als haar agenda thuis en op het werk het toelaat, is ze er ook regelmatig op andere momenten. 

Soms samen met haar 22-jarige dochter, zoals met het oliebollenbakken tijdens oud en nieuw. Of tijdens een muziekmiddag waar zowel Nederlandse als Arabische muziek klonk, en waar ze kinderen uit hun dak zag gaan en moeders even hun zorgen zag vergeten. “Ik ben begaan met deze mensen en vind het belangrijk om me in anderen te verdiepen. Naar hen om te zien. Deze mensen zijn getraumatiseerd, hebben alles in hun leven achter moeten laten en komen hier in een totaal andere cultuur terecht. Ik wil graag iets doen om ze een goede start te geven in Nederland, hoe klein ook.”

Lullen en luustr’n 

Zo denkt oud-politieagent Roel uit Lichtenvoorde er ook over. Hij dacht te gaan helpen met ‘soep scheppen’, zoals hij het zelf zegt. “Inmiddels ben ik hier zeker 2 of 3 dagen in de week en help met van alles: schoonmaken, bedden sjouwen of een heg aanplanten. Ik pak alles aan. En ik ben ook contactpersoon in de buurt. Niet iedereen in Lievelde stond meteen positief tegenover de nareizigersopvang op deze locatie. En dat mag. Je mag in dit land gelukkig openlijk voor je mening uitkomen. De aanloop had qua informatievoorziening ook wel beter gekund.”

Hij vervolgt: “Ik zet me er vrijwillig voor in om mensen zo goed mogelijk op de hoogte te houden en te luisteren. Lullen en luustr’n, dat heb ik mijn hele leven gedaan. Als oud-agent in deze omgeving kennen veel mensen mij ook wel. Ik bel gewoon aan in de buurt en maak een praatje. Veel ingewikkelder moet je het ook niet maken. Als je respect hebt voor degene die luistert, kun je veel vertellen. In de praktijk merk ik weinig weerstand en zijn steeds meer dorpsbewoners begaan met de mensen op deze locatie. Maar ik ga niet in gesprek om anderen te overtuigen. Iedereen heeft recht op zijn eigen gelijk.”

“Persoonlijk vind ik dat je de vrouwen en kinderen in deze opvang niet verantwoordelijk kunt houden voor de ellende in hun eigen land”, zegt hij. “Ze wachten tot de vaders die al eerder in Nederland waren een woning toegewezen krijgen om samen een veilig, nieuw bestaan op te bouwen. Vang ze in de tussentijd fatsoenlijk op. Dat gebeurt hier.”

Mededogen

Patricia merkt net als Roel dat er in de loop van de tijd ook veel mededogen in het dorp is ontstaan en dat doet haar goed. “Terwijl wij ons druk maakten over wat we aantrekken met kerst, hadden veel kinderen hier niet eens een warme jas. Ze voetbalden buiten in de winterse kou in slechts een dun truitje. Ik vond het prachtig toen ik uit de buurt op Eerste Kerstdag een appje kreeg, dat ze een tas met kleding bij onze achterdeur hadden gezet. En Roel kwam spontaan met een warme jas terug voor een moeder, toen hij ergens op huisbezoek was. Die wordt dan zo van de kapstok gehaald en meegegeven.”

Roel: “Ja, Lievelde is een lief dorp. Als ik nu rondvraag of mensen op- of aanmerkingen hebben, dan vinden de meesten dat het prima gaat. Je hoort dan alleen bijvoorbeeld dat de nieuwkomers een felgekleurd hesje aan moeten doen om in het donker zichtbaar te zijn als ze over het fietspad naar het dorp lopen. Voor hun eigen veiligheid. Dat is dus vooral goed bedoelde bezorgdheid.”

Tekst en fotografie: Ivo Hutten

Vrijwilligers Patricia en Roel op de nareizigersopvang in Lievelde.