Bouwen en verbouwen, welstand

Als u wilt bouwen of verbouwen kan het zijn dat u rekening moet houden met bepaalde welstandseisen.
In de wet staat dat het uiterlijk en de plek van een gebouw niet in strijd mogen zijn met redelijke eisen van welstand. Welke eisen dit zijn, heeft de gemeente vastgesteld in het welstandsbeleid.
De gemeente controleert bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor bouwen of u aan de eisen voldoet. Dit is de welstandstoets.

Voor vergunningsvrije bouwwerken hoeft u geen toestemming aan de gemeente te vragen. Daarvoor geldt dus ook geen welstandstoets U kunt zich wel vrijblijvend laten inspireren door het welstandsbeleid. De gemeentelijke excessenregeling (zie Bijzonderheden) blijft wel altijd van toepassing.

Voor vergunningplichtige bouwwerken is de welstandstoets een onderdeel van de vergunningsprocedure. Daarbij is het doel u zoveel mogelijk vrijheid te geven uw bouwplannen uit te voeren en tegelijkertijd de omgeving haar eigen karakter te laten houden en, waar dat gewenst is, die te versterken. Het gaat dus om een goede balans tussen individueel en algemeen belang.

Om dat objectief te kunnen beoordelen is door de gemeente de Commissie ruimtelijke kwaliteit van het “Gelders Genootschap” ingeschakeld. Dit is een onafhankelijke deskundige commissie die de gemeente adviseert over omgevingsvergunningen en meldingen van zowel u, als particuliere bouwer, als een architect.

Meer informatie over vergunningsvrije en vergunningplichtige bouwwerken leest u bij Bouwregelgeving op de website van de Rijksoverheid.

Wat kost het mij?

Het beoordelen van een schetsplan door de Commissie ruimtelijke kwaliteit is gratis.
Wordt de commissie door de gemeente ingeschakeld bij de beoordeling van een plan, dan kost dit advies wel geld. Deze kosten worden via de leges voor de omgevingsvergunning in rekening gebracht.

 

Wat moet ik nog meer weten?

Afwijken van het advies
In uitzonderlijke gevallen kan het college om een belangrijke reden van het advies van de Commissie ruimtelijke kwaliteit afwijken. Het college kan toch een omgevingsvergunning voor bouwen afgeven voor een plan dat niet overeenkomt met het welstandsbeleid. Het college doet dit alleen wanneer naar haar mening overtuigend is aangetoond dat het plan de ruimtelijke kwaliteit verbetert.

De vergaderingen van de Commissie ruimtelijke kwaliteit zijn openbaar. De initiatiefnemers van een bouwplan hebben tijdens de vergaderingen spreekrecht.
Bent u het niet eens met het advies van de Commissie ruimtelijke kwaliteit, dan kunt u bezwaar maken, nadat burgemeester en wethouders een besluit hebben genomen op de aanvraag van de omgevingsvergunning voor bouwen.

Welstandsvrij

Er zijn specifieke projecten aangewezen  als welstandsvrij. Projecten als Flierbeek en De Woerd zijn een voorbeeld hiervan. Vooraf bepaalde kavels van deze projecten zijn aangewezen als welstandsvrij.
Dit betekent dat wij bij een aanvraag om omgevingsvergunning geen welstandsadvies vragen  aan de Commissie ruimtelijke kwaliteit en dat u dus veel vrijer bent in uw keuzes. Uiteraard is een exces niet toegestaan.

Excessen
De gemeente ziet erop toe dat het welstandsbeleid wordt gehandhaafd. Dat gebeurt zowel in de vorm van ‘toetsing achteraf’ als door middel van de excessenregeling.

De excessenregeling is van toepassing op bouwactiviteiten waarvoor geen vergunning nodig is, maar die toch ernstig in strijd zijn met de redelijke eisen van welstand. Dat is het geval als ook iemand die niet deskundig is, kan zien dat het uiterlijk of de plek van een bouwwerk buitensporig afwijkt en grote afbreuk doet aan de ruimtelijke eenheid, kwaliteit en eigenheid van een categorie. Denk bijvoorbeeld aan het visueel of fysiek afsluiten van een bouwwerk voor zijn omgeving, het ontkennen of vernietigen van architectonische bijzonderheden, armoedig materiaalgebruik, felle kleuren en te opdringerige reclames. De gemeente kan de eigenaar aanschrijven deze strijdigheid binnen een bepaalde termijn op te heffen.

Toetsing achteraf vindt plaats bij vergunningplichtige bouwwerken die zonder vergunning zijn uitgevoerd en bij bouwwerken die afwijken van de tekeningen waarop een vergunning is verleend. De eigenaar van het bouwwerk krijgt de gelegenheid om alsnog of opnieuw een omgevingsvergunning voor bouwen aan te vragen. Het kan zijn dat wij deze vergunning weigeren, bijvoorbeeld vanwege een negatief welstandsadvies. De gemeente kan de eigenaar dan aanschrijven deze strijdigheid binnen een bepaalde termijn op te heffen.

Waaraan moet ik voldoen?

Waaraan uw bouwplan moet voldoen, is afhankelijk van het type bouwplan dat u van plan bent te bouwen en het gebied waarin u bouwt. Onze aanpak is dat we niet exact aangeven hoe het bouwwerk er precies uit moet komen te zien. Afhankelijk van de situatie wordt gekozen voor een advies wat overeenstemt met de aanwezige kwaliteiten. Overleg van de initiatiefnemer met welstand is belangrijk.

We gaan uit van vier verschillende benaderingen waarop het initiatief geadviseerd wordt. Dit zijn:

  • De vrijblijvende benadering: voor deze gebieden hoeft geen welstandsadvies gevraagd te worden. De verantwoordelijkheid ligt bij de initiatiefnemer.
  • De eenvoudige benadering: het gebouw of object in relatie tot haar omgeving, de stedenbouwkundige benadering.
  • De aandachtige benadering: het gebouw in haar omgeving maar ook als zelfstandig object, de architectonische benadering
  • De sturende benadering: ook nog de details van het gebouw, de esthetische benadering.

De opzet is gebaseerd op de beschrijvingen van de gebieden en de kernkwaliteiten. Afhankelijk van het gebied is de ruimtelijke benadering aangegeven.
Bij het creatieve ontwerpproces wordt gebruik gemaakt van de gemeentelijke ‘Gereedschapskist’, zoals omschreven in het welstandsbeleid.
Het welstandsbeleid  met bijbehorende kaarten kunt u vinden op deze site bij Beleidsnota’s en -beleidsregels, onder de kop "Volkshuisvesting en bouwzaken".

Wat de vergunningplicht is voor uw bouwplan leest u bij Omgevingsvergunning voor bouwen.

Hoe gaat het in zijn werk?

Als u een vergunning hebt aangevraagd voor een bouw of verbouwing zal uw aanvraag voorgelegd worden aan de Commissie ruimtelijke kwaliteit, tenzij de vrijblijvende benadering geldt.

De commissie bekijkt:

  • hoe het gebouw er uit komt te zien;
  • welke materialen worden gebruikt;
  • of het bouwplan past in de bestaande omgeving of bij andere bouwplannen in de omgeving;
  • of het bouwplan voldoende kwaliteit heeft.

Wat moet u hiervoor inleveren:

  • bouwkundige tekeningen van de gewenste bouw of verbouwing;
  • details over hoe het gebouw eruit komt te zien;
  • gegevens over de bouwmaterialen en kleuren die u wilt gebruiken.

Als u van te voren wilt weten of uw bouwplan voldoet dan kunt u een schetsplan inleveren. Wij toetsen dit schetsplan dan aan de regels van het bestemmingsplan en leggen het voor aan de Commissie ruimtelijke kwaliteit voor een voorlopig oordeel.

Monumenten

Monumenten zijn specifieke gebouwen (soms inclusief hun buitenruimte) die door het rijk, de provincie of gemeente als zodanig zijn aangewezen. Hiervoor gelden aparte regels. Deze regels staan in de Erfgoedwet. Voor werkzaamheden aan monumenten en aan alle bouwwerken in beschermde stads- en dorpsgezichten, is meestal een omgevingsvergunning nodig. Alle bouwplannen worden door de Commissie ruimtelijke kwaliteit getoetst aan specifieke eisen en criteria.
Meer informatie:

Commissie ruimtelijke kwaliteit

  • Hoe gaat het in zijn werk?
    De rayonarchitect bekijkt namens de commissie een bouwwerk architectonisch goed in elkaar zit (klopt de schaal van het gebouw?, is de gevelindeling goed gekozen?, enzovoort). Verder of het bouwwerk stedenbouwkundig in zijn omgeving past en of bijvoorbeeld de gebruikte materialen en toe te passen kleuren in die omgeving aanvaardbaar zijn. Mooi of lelijk speelt daarbij eigenlijk geen rol. Het welstandsbeleid is daarbij altijd een onderlegger waar in principe niet van afgeweken wordt.

    Bij een negatief advies van de commissie ruimtelijke kwaliteit kunt u proberen in overleg met de welstandscommissie, binnen de gestelde termijnen, tot een aanvaardbaar plan te komen.
     

  • Waarvoor kan ik er terecht?
    Om te voorkomen dat u onverwacht met een negatief advies van de commissie wordt geconfronteerd, kunt u al vooraf aan de rayonarchitect een oordeel over uw (bouw)plannen vragen. U heeft dan waarschijnlijk nog geen kosten gemaakt, zodat een eventuele bijstelling van uw plannen nog goed mogelijk is.
    Hier is een spreekuur voor. U kunt hiervoor contact opnemen met de eenheid Bouwen van de gemeente Oost Gelre, tel. 0544 393535. Voorwaarde voor behandeling in welstand is wel dat het bouwplan voldoet aan de voorschriften van het bestemmingsplan.

    Verder kunt u altijd tijd besparen door al in een vroeg stadium met de rayonarchitect te overleggen. Dus bijvoorbeeld voordat u een aanvraag om vergunning bij de gemeente indient.
     

  • Wat doet de commissie ruimtelijke kwaliteit niet?
    De commissie of de rayonarchitect maakt voor u geen ontwerpen. Men kan u voorbeelden laten zien en mogelijk een schets maken van de gewenste situatie, maar het echte werk moet u zelf (laten) doen.

Waar kan ik terecht?

Voor het maken van een afspraak of voor een agendering van een plan kunt u contact opnemen met de eenheid Bouwen, tel. 0544 – 393535.

Als de welstandtoets in het kader van een aanvraag omgevingsvergunning wordt uitgevoerd dan hoeft u hiervoor niets te doen.